Categoriearchief: Wind

Winddelen via windcentrale nog steeds niet interessant!

Tussen Rouveen en Staphorst worden 3 windturbines gebouwd die via 5000 winddelen aan de man worden gebracht. In het plaatselijke streekblad wordt gesproken over een gegarandeerd rendement van 6 %. In de windenergie courant staat: “Ook financieel is het interessant voor de deelnemers. Zij kunnen rekenen op een rendement van 6 procent.” Dat wekt inderdaad de indruk van zekerheid. Niets is echter minder waar.

In de informatie van de windcentrale spreekt men over een aantal aannames.
-de windturbines gaan minimaal 20 jaar mee en meestal langer. De praktijk leert dat dat onjuist is.
-er wordt uitgegaan van een kale kWh prijs van 0,071 eurocent. De praktijk leert dat de meeste energieleveranciers daar ruim onder zitten.
-er wordt vanuit gegaan dat een winddeel 500 kWh oplevert. De praktijk leert dat de productie van een windturbine in de tijd flink afneemt, tot soms slechts 50%.
-er wordt uitgegaan van een prijsstijging van de kale kWh prijs van 2% per jaar. De praktijk leert dat er de laatste jaren alleen maar sprake is van een prijsdaling (van 0,075 in 2007 tot 0,066 in 2017; bron CBS). Alleen de stijging van de energiebelasting zorgde voor een hogere kWh totaalprijs.
Lees verder

Wind op zee nu ook zonder zeedieren te belasten

Het heien van de funderingen van windturbines op zee is een crime voor veel zeedieren. Communiceren doen zeedieren via geluid. De frequenties variëren en hoe lager de frequentie hoe verder de geluiden dragen. Heien in de zeebodem produceert veel geluid waardoor het gehoor van veel zeedieren, zelfs op grotere afstanden, wordt beschadigd.

In de off-shore olie industrie werd al een alternatieve methode voor heien gebruikt die nu ook voor het eerst in Europa (Schotland) voor windturbines op zee is gebruikt, de “suction bucket” fundering ook wel caisson fundering genoemd. Simpel gezegd worden er drie grote stalen emmers omgekeerd op de bodem gezet en met een pomp wordt het water uit de emmers gezogen waardoor de emmers de bodem in zakken. Het maakt ook het eventueel verwijderen van dergelijke funderingen erg simpel door met een pomp water in de emmers te pompen.

Natuurlijk kan wind op zee ook met drijvende windturbines. Daarmee loopt Schotland eveneens voorop. Dergelijke drijvende turbines moeten nog wel met kettingen aan de zeebodem verankerd worden.

Eerste echt duurzame windturbine in Drenthe

eaz12De EAZ12, een kleine windturbine met houten bladen en een ashoogte van 15 meter, waar omwonenden geen last hebben en die moeiteloos opgaat in het landschap wordt nu ook in Fort (Gemeente De Wolden) geplaatst. In Groningen zijn deze windturbines die een boer zelfvoorzienend maken niet aan te slepen. De jaaropbrengst is daar zo’n 30000 kWh met een terugverdientijd van 7 jaar. In het heel wat windluwere Drenthe is de jaaropbrengst naar verwachting zo’n 22000 kWh met een terugverdientijd van 10 jaar.

Nokwindturbine eindelijk in Nederland op de markt

In 2009 won Gregory Dean de Green Challenge Award met zijn RidgeBlade concept, een windturbine die in de nok van het dak kon worden geïntegreerd. Sindsdien is er hard gewerkt aan het marktrijp maken van het idee. Inmiddels is het eerste exemplaar in Nederland geïnstalleerd op Vlieland door Libra Energy uit Castricum.


De levensduur van de ridgeblade is 20 jaar. Daarna zijn de onderhoudsvrije lagers aan vervanging toe. Bij een optimale dakhelling van 45 graden gericht op de heersende windrichting wordt bij een gemiddelde windsnelheid van 5 m/s jaarlijks zo’n 4000 kWh opgewekt met de kleinste versie van het systeem. Dat is de RB1 voorzien van 4 rotoren die een noklengte van 5,2 meter nodig heeft. De all in prijs voor een complete installatie ligt rond de 7500 euro. De terugverdientijd ligt dan rond de 8 jaar. Bij minder wind of andere dakhellingen met een andere oriëntatie is dat een stuk langer.

De versie met 5 rotoren (6,4 m noklengte) haalt onder dezelfde omstandigheden zo’n 5000 kWh en kost rond de 9000 euro. De industriële versie met 10 rotoren gaat zo’n 15000 ex btw kosten. In het eerste kwartaal van 2016 worden de definitieve prijzen van het systeem bekend.

Kleine windmolen voor iedere boer in het noorden?

eaztwaalfEen windmolen niet hoger dan de bomen rond de boerderij, een windmolen dus die prima past in het landschap. Dat is een windmolen met een ashoogte van 15 meter die de boer zelfvoorzienend kan maken wat betreft elektriciteit en zelfs geld oplevert.

Veel boeren plaatsen zonnepanelen met subsidie. Vooral als ze een grootverbruikersaansluiting (>3*80A) hebben zijn zonnepanelen voor hen het voordeligst om zelfvoorzienend te worden. Boeren met een kleinverbruikersaansluiting (bijvoorbeeld 3*67A) krijgen geen subsidie voor zonnepanelen maar wel voor windmolens. Met 1 of 2 kleine windmolens zijn ze dan in gebieden met voldoende wind op een voordelige manier zelfvoorzienend.

Een voorbeeld van zo’n windmolen is de EAZ twaalf waarvan de eerste op 17 juli 2015 in Overschild (Groningen) officieel in gebruik werd genomen. Bij een prijs van 37500 euro en een opbrengst van 30000 kWh per jaar is de terugverdientijd 8 jaar. Hij gaat zonder onderhoud zo’n 20 jaar mee. Daarna moeten de lagers vervangen worden en kan ie opnieuw 20 jaar mee. In de Drentse Veenkoloniën is de verwachte opbrengst 24000 kWh en gaat de terugverdientijd naar 10 jaar.

Op 10 juni 2016 is de feestelijke opening van de fabriek van deze molens in Hoogezand.

Zonneweide versus windturbinepark, de rekensommen

zonneweideEr wordt door de windturbinelobby altijd beweerd dat windturbines de goedkoopste duurzame energie leveren. Nooit laten ze daarbij de rekensommen zien. De reden daarvoor is dat de rekensommen eenvoudig niet deugen. Windenergie op zee is volgens diezelfde lobby duurder dan op land. Om een goede kostenvergelijking te kunnen maken moet je ook alle indirecte en sociaal economische kosten meerekenen en dat weigert men in Nederland te doen. Als je dat wel doet dan is windenergie op zee een stuk goedkoper dan op land. Ook wordt er door windturbinelobby graag geschermd met onafhankelijke rapporten die niet bij name worden genoemd. Hieronder de rekensommen van windenergie versus zonneweide. Lees verder

Wind stinkt

windstankHet boeren, slurpen of het laten van winden in gezelschap of aan tafel hoort niet. Toch is dat grotendeels cultureel bepaald. In China bijvoorbeeld prijs je met boeren aan tafel de gastheer juist voor het voortreffelijke eten. In Joegoslavië doe je datzelfde met overdreven slurpen.

Feit is dat een wind stinkt en de mate waarin is afhankelijk van de hoeveelheid zwavelverbindingen en ammoniak die erin voorkomt. Voor het overige is het vooral reukloos methaan. Het zijn allemaal stoffen die bij aerobe en anaerobe vergisting van biologisch materiaal vrijkomen.

Boeren zijn vooral bekend als subsidieslurpers en dat gebeurt nu ook weer bij windenergie. Boeren hebben schijt aan omwonenden. De windenergie stinkt dus ook en dat is vooral het gevolg van de hele productieketen, de overlast voor omwonenden, de onzin die door de windmolenmaffia wordt uitgekraamd en in het kielzog daarvan door milieuorganisaties en onze “(on)verantwoordelijke” bestuurders.

Het begint al in China waar de zeldzame aarden worden gewonnen die in de generatoren worden toepast. Het leidt plaatselijk tot een milieuramp van ongekende omvang met vele slachtoffers. Maar ach een paar duizend Chinezen mis je niet op een paar miljard.

De techniek van de huidige windturbines is achterhaald. Na ruim 40 jaar zou je verwachten dat windturbines zich moeiteloos zonder subsidie zouden moeten kunnen terugverdienen. Niets is minder waar en om die reden alleen al zijn ze niet duurzaam. Verder leveren ze nauwelijks een besparing op de uitstoot van broeikasgassen, waar het oorspronkelijk om te doen was. Dat komt doordat de CO2 winst voor een groot deel verloren gaat door de verhoogde CO2 uitstoot van de snelschakelende gasturbines die nodig zijn om het net te balanceren bij de sterk wisselende levering van energie door windturbines. Dat komt weer doordat het vermogen dat een windturbine levert evenredig is met de derde macht van de windsnelheid. En zoals we allemaal weten is wind op zichzelf al vlagerig van karakter.

Tot slot is er dan ook nog de ziekmakende overlast van windturbines die in de bebouwde omgeving worden geplaatst. Nederland is gewoon te dicht bevolkt om industriële windturbines nog op een fatsoenlijke afstand van de bebouwing te kunnen neerzetten. In plaats van dat toe te geven en alleen op zee te plaatsen worden de normen zo opgerekt dat het toch mogelijk wordt. Dat hebben we eerder gezien bij Schiphol. Het vervelende is alleen dat daar waar isolatie van woningen rond Schiphol tenminste nog een goede nachtrust mogelijk maakt, dat bij het laag frequente geluid van windturbines helaas niet mogelijk is.

Daar waar de overheid spreekt over nationaal belang als het gaat om het plaatsen van windturbines op land geeft ze de boeren niet de waarde van het stukje land dat voor iedere windturbines nodig is (ongeveer 3 duizend euro) zoals dat in de wegenbouw heel gebruikelijk is maar worden de boeren 15 jaar lang omgekocht met een bedrag van 40 duizend euro per jaar. Met zulke compensaties is het wel heel gemakkelijk om een oogje dicht te knijpen als het om overlast gaat.

En het benodigde draagvlak dan? Onder de burgers is het er niet maar ja de boeren zijn voor, de milieuorganisaties zijn voor en een deel van de bestuurders is voor dus is er voldoende draagvlak volgens dictator Kamp.

Tenslotte zijn er nog de aanbieders van verschillende beleggingsproducten in windenergie. Ook die ruiken niet fris. Lees onze andere publicaties daarover:
meewind je reinste windhandel
windwissel de wisseltruc van Raedthuys
winddelen of toch maar zonnepanelen
Ook de Triodos Bank heeft bloed aan zijn handen:
Triodosbank keurt door de strot duwen windturbines goed

Triodos bank keurt door de strot duwen windturbines goed

triodosWat zijn de principes van een groene bank waard als het erop aan komt? Helemaal niets!

De Raedthuys groep wordt vanaf het begin van haar bestaan in 1995 mede gefinancierd vanuit het Triodos Groenfonds. In het blad van de bank “De kleur van geld” wordt deze relatie dan ook alle ruimte geboden om de grootste leugens als waarheid neer te pennen.

“Het betrekken van burgers bij duurzame energieprojecten is niets nieuws, althans voor Raedthuys”, zo begint het artikel waarin als vaststaand feit wordt verkondigd dat Raedthuys omwonenden nauw betrekt. Niets is echter minder waar. Raedthuys ontwikkelt projecten samen met boeren die ze contracten laat ondertekenen waar ze niet meer onderuit kunnen en maakt vervolgens handig gebruik van Rijksregelingen om de omwonenden volledig buiten spel te zetten (SDE+ regeling voor de rendementen, RCR voor het doordrukken van het project zonder betrokkenheid van bevolking of het locale bestuur en de planschaderegeling om de schadeclaims op af te wenden).

Raedthuys deinst er ook niet voor terug om onderzoeksbureaus en onderzoeken die draagvlak moeten aantonen te manipuleren (voorbeeld: “Opinie onderzoek windenergie” van Newcom Research; een klacht bij het MOA heeft dat aangetoond). Natuurlijk worden voor de vorm nog enkele bijeenkomsten georganiseerd over participatiemogelijkheden echter zonder alle bewoners uit te nodigen. Die zogenaamde participatiemogelijkheden hebben trouwens niets om het lijf of zijn een sigaar uit eigen doos. Daarbij gebruikt Raedthuys misleidende teksten als “gratis energie” (windwissel). Dit grenst aan oplichting en heeft veel weg van de praktijken van een criminele organisatie.

Dat de Triodosbank dergelijke praktijken faciliteert past niet bij duurzaamheid. Een bank die zijn relaties belangrijker vindt dan de waarheid neemt haar eigen principes niet serieus. Het zogenaamde groen van de bank kleurt dan diep rood, een kleur die op de kaken van de directeur Matthijs Bierman niet zou misstaan zo moet ie zich schamen. Wanneer trouwe klanten van de bank hem voorhouden wat er mis is met wat Raedthuys schrijft, zwijgt ie in alle talen. Wel laat ie een ondergeschikte nog wat obligate teksten opstellen die niet ingaan op het geschetste probleem. Is dat transparantie, is dat verantwoording afleggen? Een bank die op die manier met zijn eigen prachtige principes omgaat moet toch eens in de spiegel kijken of ze echt nog groen is en of ze niet slechts intenties uitspreekt die niet meer worden waargemaakt.

Overheid heeft keus tussen burgerinitiatief en burgeroorlog

De transitie naar duurzaamheid staat op scherp. De onderkant van onze samenleving is sowieso niet in staat om de transitie naar duurzaamheid te maken. Ze hebben het geld niet of onvoldoende inkomen om het geld te lenen. Daardoor ontstaat er in de praktijk een tweedeling in de samenleving. De overheid die dat simpel zou kunnen oplossen omdat ze goedkoop geld kan lenen, verdomt het om hier iets aan te doen. Wel worden er miljarden over de balk gesmeten om windturbines te plaatsen. Afgezien van het feit dat die praktisch niets bijdragen aan de reductie van de uitstoot van broeikasgassen, zorgen ze voor een tweede splijtzwam in toch al kwetsbare gebieden. Aan de ene kant worden de boeren, zoals de laatste decennia gewend zijn, via subsidies maximaal in de watten gelegd en aan de andere kant mogen omwonende burgers letterlijk bloeden. Er is dan niet veel meer nodig om de vlam in de pan te laten slaan. Stichting Duurzame Energieprovincie hield daarom op 12 februari 2014 tijdens de commissievergadering omgevingsbeleid van de Provincie een vurig pleidooi voor afwijzen van de door dictator Kamp gekozen weg van de Rijkscoördinatieregeling.

Inmiddels lijkt minister Kamp de regie weer bij de provincie neer te leggen. Nu wordt het tijd dat de provincie eens naar de burgers gaat luisteren. Dat in de “provinciale omgevingsvisie” geen letter is veranderd nadat er vele zienswijzen zijn ingediend en een petitie met 2500 handtekeningen is overhandigd is tekenend voor de regenteske houding van onze Provinciale bestuurders. De locale bestuurders zijn heel wat duidelijker maar het is te hopen dat zij hun rug weten recht te houden.