Terugleversubsidie is in feite een terugleverbelasting

De 2e Kamer had onder het vorige kabinet via een motie afgedwongen dat de salderingsregeling zou worden gehandhaafd of worden vervangen door een betere regeling. In het regeerakkoord van het nieuwe kabinet is opgenomen dat de salderingsregeling in 2020 wordt vervangen door een terugleversubsidie. Is daarmee uitvoering gegeven aan bovengenoemde motie?

Mijn oordeel is keihard nee! De nieuwe regeling is niet meer dan een ordinaire bezuinigingsoperatie en is ook als zodanig ingeboekt. De nieuwe regeling is slechter dan de salderingsregeling. Bij de salderingsregeling ontvangen consumenten dezelfde prijs voor teruggeleverde energie als zij betalen voor de energie die zij verbruiken.

De terugleversubsidie is voor een consument minder aantrekkelijk omdat die subsidie per kWh lager ligt dan wat hij/zij per kWh betaalt (kale prijs + energiebelasting + ODE + BTW). Ieder jaar wordt deze terugleversubsidie lager omdat het totale subsidiebedrag (240 miljoen) gelijk blijft. In feite gaat het dus om een terugleverbelasting die als subsidie wordt verkocht, een belasting die bovendien ieder jaar hoger wordt.

De terugverdientijd van zonnepanelen is zo niet meer met een redelijke mate van zekerheid te bepalen. Juist een dergelijke onzekerheid zal consumenten huiverig maken om in zonnepanelen te investeren. Ik kan de reactie van Peter Desmet van Holland Solar, die stelt dat de zekerheid voor mensen die zonnepanelen kopen is vergroot, dan ook helemaal niet onderschrijven.

Inmiddels zijn er in de 2e Kamer vragen gesteld en heeft Wiebes toegezegd voor de zomer van 2018 met meer duidelijkheid te komen.